Waarom goede zorgmedewerkers vertrekken, en wat jij daaraan kunt doen

Ze zit tegenover je met een brief in haar hand. Een van je beste verpleegkundigen. Ervaren, geliefd bij bewoners, altijd bereid om bij te springen. Ze heeft een andere baan gevonden.

Je vraagt waarom. Ze zegt dat het niets persoonlijks is, dat het tijd was voor iets nieuws. Later hoor je van een collega dat het al maanden speelde.

Herken je dit? Dan weet je hoe hard het aankomt als iemand vertrekt die je niet wilde verliezen. En hoe vaak je pas achteraf begrijpt wat er speelde.

Mensen vertrekken zelden alleen om het geld

Salaris speelt mee, maar het is bijna nooit de kern. Wie naar een andere organisatie gaat, noemt meestal andere dingen: het gevoel niet gehoord te worden, geen invloed hebben op het eigen werk, te weinig ruimte om goede zorg te leveren, en het idee dat niemand het ziet als je een stap extra zet.

Dat zijn geen arbeidsvoorwaarden. Dat zijn ervaringen die dagelijks op de werkvloer ontstaan. En daarmee liggen ze grotendeels binnen jouw invloed.

De directe leidinggevende weegt zwaarder dan de organisatie

Mensen zeggen zelden een organisatie op. Ze zeggen een situatie op. En die situatie wordt voor een groot deel bepaald door de mens aan wie ze verantwoording afleggen.

Dat is ongemakkelijk om te lezen, en het is ook goed nieuws. Het betekent dat je niet hoeft te wachten op een wervingscampagne of een nieuw beloningsbeleid om verschil te maken. Hoe jij het gesprek voert, ruimte geeft en waardering uitspreekt, weegt zwaarder dan het beleid dat boven je wordt bedacht.

Het vertrek begint lang voor de opzegging

Iemand die vertrekt, is meestal al maanden eerder afgehaakt. Niet zichtbaar, maar merkbaar. Ze praat minder mee in het overleg. Ze neemt geen initiatief meer. Ze doet haar werk goed, maar de rek is eruit.

Vaak voel je dat aankomen. Er is een onderbuikgevoel dat zegt: er is iets met haar. Maar je hebt geen bewijs, het is druk, en je hoopt dat het overwaait. Zo wordt het de olifant in de kamer: iedereen ziet dat iemand aan het afhaken is, en niemand vraagt ernaar.

Juist dat onbenoemde gevoel is het signaal waarop je moet handelen. Niet met een oordeel, maar met een vraag. “Ik merk dat je stiller bent de laatste tijd. Klopt dat, en wat speelt er?” Die ene vraag is soms het verschil tussen iemand die blijft en iemand die vertrekt.

Het blijfgesprek in plaats van het exitgesprek

In veel organisaties wordt pas serieus doorgevraagd als iemand al heeft opgezegd. Dan is het gesprek eerlijk, waardevol en te laat.

Draai het om en voer het gesprek terwijl iemand er nog is. Wat maakt dat je hier werkt? Wat zou je laten vertrekken? Wat heb je nodig om hier over twee jaar nog met plezier te staan? Het zijn geen zware vragen. Ze laten wel zien dat het je iets doet of iemand blijft.

Waardering is specifiek of het is niets

“Goed gedaan, team” landt bij niemand. Waardering werkt als die concreet is en gaat over gedrag dat je hebt gezien. Dat je opmerkte hoe iemand een onrustige bewoner tot rust bracht. Dat je zag hoe ze de nieuwe collega door haar eerste dienst loodste.

Dat kost je een halve minuut. En het is een van de weinige dingen die je onbeperkt kunt geven, ook in een jaar zonder extra budget.

Wat je niet in de hand hebt, en wat wel

De krapte op de arbeidsmarkt los je niet op. De salarisschalen bepaal je niet. De reorganisatie waar je middenin zit, heb je niet bedacht.

Wat je wel bepaalt: of mensen zich gezien voelen, of ze invloed hebben op hun eigen werk, of ze zich durven uitspreken, en of ze het gevoel hebben dat ze ergens naartoe groeien.

Een deelnemer van Xcelleren in de Zorg verwoordde het zo: “Ik heb geleerd om mijn functie en plaats in te nemen.” Je plaats innemen betekent ook: het gesprek voeren dat niemand anders voor je voert.

Werken aan wat je wel kunt beïnvloeden

Bij Xcelleren in de Zorg werken deelnemers aan hun eigen team en hun eigen gesprekken. Niet aan een theorie over betrokkenheid, maar aan de medewerker die aan het afhaken is, het overleg waar niemand meer iets zegt, en de vraag die ze steeds niet stellen.

In kleine groepen, met vakgenoten uit andere zorgorganisaties die dezelfde krapte en dezelfde verloopcijfers kennen, en met coaches die de zorgcontext van binnenuit begrijpen. Leren door doen, vanuit je eigen praktijkervaringen.

Behouden begint bij opmerken

Je kunt niemand dwingen te blijven. Je kunt wel opmerken wanneer iemand langzaam vertrekt, en het gesprek aangaan voordat de brief op tafel ligt.

Omdat mensen zelden weglopen bij een organisatie. Ze lopen weg bij een situatie waar niemand naar vroeg.

Wil je ontdekken hoe je het verschil maakt in het behouden van je mensen? Neem contact op met Daniël Krouwel via info@xcellerenindezorg.nl of bekijk het programma op xcellerenindezorg.nl.

Happy team of female colleagues in huddle during group therapy at office
Scroll naar boven